Training & Oefeningen

Dit is de ideale hoeveelheid krachttraining per week

· 5 min leestijd

Je hoort het al jaren: meer trainen is beter trainen. Maar een grote studie van de Harvard T.H. Chan School of Public Health, gepubliceerd in juni 2026 in het British Journal of Sports Medicine, zet daar een stevige kanttekening bij. Onderzoekers volgden bijna 150.000 mensen tot dertig jaar lang en kwamen tot een verrassend precieze uitkomst: het meeste gezondheidsvoordeel van krachttraining zit in een raam van 90 tot 120 minuten per week. Daarna vlakt de winst af.

Voor wie elke week vier of vijf keer in de sportschool staat, klinkt dat misschien als een teleurstelling. Maar het is vooral goed nieuws voor iedereen die denkt dat je alleen resultaat boekt met een overvol trainingsschema.

Wat de onderzoekers precies onderzochten

De data kwam uit drie grote Amerikaanse cohorten: de Health Professionals Follow-up Study en de Nurses' Health Study I en II. Deelnemers vulden om de twee jaar in hoeveel tijd ze besteedden aan krachttraining, zoals push-ups, squats en gewichten, en aan cardio zoals hardlopen, fietsen of stevig wandelen. Met bijna 36.000 sterfgevallen in de onderzoeksperiode hadden de wetenschappers genoeg data om een betrouwbaar patroon te ontdekken.

De uitkomst: mensen die gemiddeld 90 tot 120 minuten per week aan krachttraining deden, hadden 13 procent minder kans om vroegtijdig te overlijden dan mensen die helemaal niet aan krachttraining deden. Voor sterfte door hart- en vaatziekten liep dat op tot 19 procent minder risico, en bij neurologische aandoeningen zoals dementie zelfs tot 27 procent minder risico.

Waarom meer trainen niet automatisch beter is

Het meest opvallende resultaat: boven de 120 minuten per week nam het voordeel niet verder toe. Dat betekent niet dat extra trainen schadelijk is, maar wel dat je vanaf een bepaald punt geen extra gezondheidswinst meer koopt met extra sets. Dat sluit aan op wat we eerder al beschreven in sterker worden of groter worden: als je doel gezondheid is in plaats van maximale spiermassa, hoef je niet elke dag te trainen om vooruitgang te boeken.

Twee tot drie trainingen per week van veertig tot zestig minuten passen ruim binnen dat 90 tot 120 minuten-venster. Belangrijker dan de duur van je training is dus consistentie: blijf je die twee of drie sessies volhouden, ook in drukke weken? Wie worstelt met tijd, kan zelfs baat hebben bij kortere sessies, zoals we eerder al lieten zien in ons artikel over tien minuten trainen.

Hoe dit zich verhoudt tot de Nederlandse beweegrichtlijnen

De Nederlandse beweegrichtlijnen adviseren al jaren minstens twee keer per week spier- en botversterkende activiteiten, naast 150 minuten matig intensief bewegen. De nieuwe Harvard-studie onderbouwt dat advies met harde cijfers en laat bovendien zien waar het plafond ligt. Twee trainingen van 45 tot 60 minuten, of drie van 30 tot 40 minuten, vallen precies binnen het venster waar de meeste gezondheidswinst zit. Je hoeft dus niet af te wijken van wat je waarschijnlijk al wist: het gaat om regelmaat, niet om extremen.

Wat deze studie toevoegt, is de bovengrens. Waar veel mensen denken dat trainen zoveel mogelijk keer per week moet, laat het onderzoek zien dat je na zo'n twee uur weinig extra gezondheidswinst meer boekt. Dat scheelt niet alleen tijd in je agenda, het scheelt ook slijtage aan gewrichten en pezen die je opbouwt bij een overvol schema.

De combinatie met cardio maakt het grootste verschil

Het onderzoek keek ook naar wat er gebeurt als je krachttraining combineert met aerobe activiteit. Mensen die minstens 150 minuten matig intensieve cardio per week deden, zoals wandelen, fietsen of hardlopen, en daarnaast ook aan krachttraining deden, hadden tot 45 procent minder kans op vroegtijdig overlijden vergeleken met mensen die niets deden. Dat is aanzienlijk meer dan wat krachttraining of cardio alleen opleverden.

De boodschap is duidelijk: krachttraining en cardio versterken elkaar. Je hoeft niet te kiezen tussen gewichten heffen en hardlopen. Beide vormen dekken een ander deel van je gezondheid: krachttraining beschermt vooral spiermassa, botdichtheid en stofwisseling, terwijl cardio je hart en longen traint.

Herstel bepaalt of je die winst ook echt boekt

Een studie zoals deze meet alleen hoeveel mensen trainden, niet hoe goed ze herstelden. Toch is herstel de schakel die bepaalt of die 90 tot 120 minuten ook daadwerkelijk resultaat opleveren. Een spiergroep heeft 36 tot 72 uur nodig om te herstellen na een training, en slaap speelt daarin een grote rol: tijdens de nacht maakt je lichaam groeihormonen aan die spierherstel ondersteunen. Wie slecht slaapt, haalt minder uit dezelfde trainingstijd, iets wat we eerder al uitgebreid behandelden in ons artikel over slaap en spieropbouw.

Dat maakt de 90 tot 120 minuten ook een praktisch advies: het past in een schema waarin je genoeg rust overhoudt tussen sessies, in plaats van een schema waarin je lichaam nooit echt aan herstel toekomt.

Zo vertaal je dit naar je eigen weekschema

Concreet betekent dit voor de meeste mensen: twee tot drie krachttrainingen van 30 tot 45 minuten per week, aangevuld met wandelen, fietsen of een andere vorm van cardio op de andere dagen. Ben je nu iemand die vijf keer per week traint puur omdat je denkt dat dit moet, dan mag je gerust een training laten vallen zonder dat je gezondheidswinst inlevert. Ben je juist iemand die nooit aan krachttraining toekomt, dan is dit onderzoek een goede reden om er twee keer per week een halfuur voor vrij te maken.

Het belangrijkste inzicht van dit onderzoek is misschien wel dat je niet hoeft te overdrijven om resultaat te zien. Een schema dat je daadwerkelijk volhoudt, twee tot drie keer per week, gecombineerd met wat cardio en voldoende slaap, doet meer voor je levensverwachting dan een schema dat je na drie weken alweer laat vallen.

M
Geschreven door Marcus Williams Trainingsredacteur

Marcus verhuisde van Manchester naar Amsterdam voor een stage bij een sportmerk en bleef hangen — letterlijk, want hij ontdekte boulderen en was verkocht. Als gecertificeerd strength & conditioning coach schrijft hij over training en oefeningen met een focus op functionele fitness. Hij gelooft dat je lichaam gemaakt is om te bewegen, niet om acht uur per dag op een kantoorstoel te zitten. Zijn Engelse achtergrond brengt een andere kijk op de Nederlandse fitnesscultuur, en zijn humor maakt zelfs droge trainingsschema's leesbaar. Buiten het schrijven vindt je hem in de boulderhal of op zijn racefiets.